Het is officieel: ik ben vet!

Ontkennen heeft geen zin meer. Zelfs de technologie geeft het aan: ik ben vet! Misschien was dit wel dé wake-up call die ik al die tijd nodig had. Want eerlijk gezegd schrok ik wel toen het vetpercentage van 39,9% uit de resultaten naar voren kwam. Wow, how low can you go? Of hoe hoog… het is maar hoe je het noemen wilt. Kom op Ankie. Work that ass!

Hoe ik hierbij kom?

De EnergyLab in Eindhoven nodigde me uit voor een Bodyscan en conditietest. Nu vind ik het menselijk lichaam en statistieken erg interessant, dus ik had sowieso ‘ja’ gezegd op de uitnodiging, maar met het ambassadeurschap voor Fitbit kwam het al helemaal als een welkome uitnodiging. Ik moet de dingen even iets serieuzer aanpakken, dan simpelweg een rondje lopen en dat met jullie delen. Nee. De Energylab bood me een goede gelegenheid om een ijkpunt te bepalen. En doelen. Waar sta ik op dit moment en waar wil ik naartoe werken?

Nog even over de bodyscan

De bodyscan duurt amper 6 minuten waarbij het apparaat de lichaamssamenstelling meet door middel van een DEXA-scan. Snel en precies, omdat je in 6 minuten in een comfortabele positie kunt blijven liggen. Geen bewogen beelden dus. Naast de meting van de vetmassa, vetvrije massa en botmassa wordt ook de verdeling van deze massa over het lichaam gerapporteerd.

dit ben ik
Dit ben ik! Het voelt behoorlijk naakt zo 🙂 Een typisch vrouwelijke vorm waarbij het vet zich rond de heupen ophoopt. Maar dan iets te veel. Working on it!

Opvallende gegevens:

  1. Ik bevind me in de regionen ‘zeer hoog’ vetgehalte (39,9%)
  2. Mijn rechterarm is 300 gram gespierder dan de linker
  3. Ik heb een BMI van 23,6 (tussen 18,5 en 25  is goed)
  4. Mijn botdichtheid is uitstekend
  5. Ik besta voor 2,9kg uit botten

Conclusie: Ik kan dus nooit meer zeggen dat ik zo zwaar ben, omdat ik zware botten heb 😉 Nee, grapje. Concluderend kan ik zeggen dat het mijn doel wordt om richting 26% vet te gaan. Laten we eens beginnen met 30.

Conditietest

Alhoewel de Bodyscan behoorlijk confronterend was, maakte ik me toch het meest zorgen over de conditietest. Ik weet hoe het daarmee gesteld is…
Gelukkig komen ze bij de Energylab allerlei soorten mensen tegen; dik, dun, beginnende sporters en topsporters. Ik hoefde me dus nergens voor te schamen.

MobileMobile

Je kunt een conditietest op de fiets of op de loopband doen. Aangezien ik ren, leek me dat laatste dus het beste. De belasting van de test startte bij 5 km/h en werd per 5 minuten verhoogd met 1 km/h. Tijdens de test werden hartslag, snelheid, melkzuurproductie en subjectieve vermoeidheid gemeten en geregistreerd op het einde van iedere stap. Met het meten van deze gegevens kun je vaststellen met welke snelheid je vet verbrandt (aerobe drempel) en wanneer je overgaat op het verbranden van suiker (anaerobe drempel). Dat laatste hou je niet zo lang vol en is eerder een overlevingsstrategie dan gewenst om het vol te houden. Liever verbrand je vet, wat natuurlijk voor zichzelf spreekt.

Ik moet bekennen: de hardlooptest viel me erg zwaar. Lichamelijk gezien had ik meer kunnen geven, maar ik raakte psychisch in paniek door ademnood. Na 17 minuten was voor mij het einde al in zicht. Ik liep toen 8 kilometer per uur. Mijn lichaam was op dat moment tot 4,8 Mmol/L verzuurd. Ik was suiker aan het verbranden, zo bleek. En dat is waar je eigenlijk boven je kunnen loopt.

Om conditie op te doen, moet je in de aerobe zone blijven. Daarom heeft de Energylab een persoonlijk trainingsschema voor me opgesteld. Als ik me daar de komende maanden aan hou, zal ik straks 5 kilometer achtereen kunnen rennen. Op een snelheid van meer dan 8 km/uur. Ik ben benieuwd! Meer hierover in een andere blog. Anders wordt het wel heel veel om in 1x uit te leggen.

Heb je vragen naar aanleiding van dit verhaal? Laat het me weten hè?

Zeen is a next generation WordPress theme. It’s powerful, beautifully designed and comes with everything you need to engage your visitors and increase conversions.