Je scrolt door je socialmediafeed en ziet een opvallende claim voorbij komen. Kraanwater zou ongezond zijn. Een veelgebruikte zonnebrandcrème zou schadelijk zijn. Of een nieuw gezondheidsadvies zou eigenlijk niet kloppen. De één scrolt direct verder, terwijl de ander overtuigd raakt. Waar zit dat verschil eigenlijk in?
Volgens nieuw onderzoek van het Rathenau Instituut ligt het antwoord niet alleen bij sociale media zelf. Juist ervaringen uit het dagelijks leven blijken een belangrijke rol te spelen bij de vraag of mensen misinformatie geloven.
Meer dan een algoritme
Als het over misinformatie gaat, wijzen we vaak naar algoritmes, influencers of de platforms waarop berichten worden verspreid. Toch blijkt de werkelijkheid een stuk complexer. Voor het rapport Wikken en weten onderzocht het Rathenau Instituut hoe Nederlanders omgaan met wetenschappelijke informatie op sociale media. Daarbij analyseerden onderzoekers ruim 8.500 vragenlijsten en organiseerden ze verschillende focusgroepen.
De conclusie: of iemand een bericht geloofwaardig vindt, hangt af van veel meer dan alleen de inhoud van een post. Natuurlijk spelen factoren zoals de afzender, het platform en de vormgeving van een bericht een rol. Maar ook persoonlijke ervaringen, kennis en het vertrouwen dat iemand heeft in instituties zoals wetenschap, media en politiek wegen mee.
Wat je meemaakt, telt mee
Een opvallende uitkomst van het onderzoek is dat ervaringen buiten het internet invloed hebben op hoe mensen online informatie beoordelen. Denk bijvoorbeeld aan iemand die zich niet gehoord voelde door een arts, teleurgesteld is geraakt in een overheidsinstantie of negatieve ervaringen heeft met traditionele media. Zulke ervaringen kunnen invloed hebben op het vertrouwen in officiële informatiebronnen en daarmee ook op de manier waarop online berichten worden geïnterpreteerd.
Dat betekent niet dat iemand automatisch vatbaar wordt voor misinformatie. Wel laat het onderzoek zien dat online overtuigingen vaak voortkomen uit een combinatie van digitale én persoonlijke ervaringen.
Sociale media zijn niet automatisch de boosdoener
Een andere opvallende conclusie is dat veel gebruik van sociale media niet per definitie leidt tot minder vertrouwen in de wetenschap. Onderzoekers vonden geen direct verband tussen veel scrollen en het geloven van misinformatie. Wel zagen ze verschillen bij mensen die sociale media als belangrijkste bron van wetenschappelijke informatie gebruiken.
--- Sidenote: Wil je ons vaker zien als je googelt? ---
Voeg TechGirl toe als jouw voorkeursbron en kom ons meer tegen in Google zoekresultaten!
Mensen die daarnaast ook informatie halen uit nieuwsmedia, onderwijs, boeken of andere betrouwbare bronnen blijken doorgaans meer vertrouwen te houden in wetenschappelijke kennis. Het gaat dus niet alleen om hoeveel tijd je online doorbrengt, maar vooral om welke informatiebronnen je gebruikt.
Sommige groepen zijn kwetsbaarder
Het onderzoek laat ook zien dat bepaalde groepen gevoeliger kunnen zijn voor misinformatie dan andere. Zo vonden onderzoekers bij oudere deelnemers vaker een verband tussen veel tijd op sociale media en het geloven van misinformatie. Vooral wanneer zij via weinig andere kanalen in aanraking kwamen met wetenschappelijke informatie.
Volgens het Rathenau Instituut is het daarom belangrijk om interventies niet alleen op berichten of platforms te richten, maar ook op de mensen die extra kwetsbaar zijn voor misleidende informatie.
Wat betekent dit nu, met veel AI-gegenereerde content?
De resultaten komen op een moment waarop het steeds makkelijker wordt om overtuigende content te maken met behulp van AI. Teksten, afbeeldingen en video’s die echt lijken, kunnen zich razendsnel verspreiden via sociale media.
Juist daarom wordt het belangrijker om informatie vanuit meerdere bronnen te bekijken en kritisch te blijven op claims die online circuleren (hallo, AI slop). Het onderzoek laat zien dat digitale weerbaarheid niet alleen draait om wat je online doet. Ook je ervaringen, kennis en vertrouwen die je offline opbouwt, bepalen hoe je informatie beoordeelt. Oftewel: wat je op internet gelooft, begint vaak al ver voordat je een app opent.


